Running Wild Travels

Blogbericht Kilimanjaro NL

For the English version: click here!

Ik, Lore, kies ervoor om de 7-daagse Machame route te verkennen, onder de vlag van Running Wild Travels. Hoe is het nu echt om meerdere dagen achter elkaar te wandelen in de ruige natuur, steeds hoger en hoger te klimmen op deze iconische berg: de hoogste van het Afrikaanse continent? Let’s take a walk on the wild side en wandel met me mee, van dag tot dag:

Voorbereiding

Het is de dag voor de klim. Mijn gids Abdi brengt me een bezoekje en controleert of ik het juiste materiaal meeheb. Hij checkt de inhoud van mijn trekkersrugzak en dagrugzak. Hij raadt aan nog een regenbroek aan te schaffen, die achteraf inderdaad goed van pas leek te komen. De grote trekkersrugzak met al mijn materiaal zal door een professionele porter meegenomen worden terwijl ik zelf mijn dagrugzak draag met 3 liter drinkwater, snacks, camera en regenjas.

We bespreken mijn wandeltempo en eerdere bergbeklimmingen. Ik waarschuw Abdi voor mijn traag wandeltempo en het feit dat ik geen (!) training heb gedaan. Maar mijn mindset is er klaar voor en ik ben een doorzetter. Abdi zegt dat het altijd veel beter is om wat getraind te zijn vooraleer de berg te beklimmen, maar hij heeft vertrouwen in mij, alsook zijn professionele begeleiding om mij tot de top te helpen. Hij zal ook iedere dag een health check-up uitvoeren van het hele team, zoals bloeddruk – en saturatiemeting en lichamelijke klachten opvolgen, om iedereen zijn veiligheid te waarborgen.

Ik overnacht in een accommodatie in Arusha. Arusha ligt iets hoger dan Moshi, wat goed is voor acclimatisatie.

Dag 1: Start in het groene regenwoud

Bij het ontwaken ben ik zenuwachtig maar enthousiast. Ik word opgehaald door het team en we rijden naar de Machame Gate, waar we starten op 1800 meter hoogte. Uiteindelijk vertrekken we om 11:30 uur en na een langzame, gestage klim arriveren we rond 17:00 uur in het eerste kamp (11 km wandelen).

De eerste dag verloopt verrassend goed. De Machame route begint rustig en ik voel me mentaal en qua uitrusting goed voorbereid. In België zou deze klim zwaar zijn, maar hier is het tempo langzaam. Pole Pole is het motto op de berg, wat ‘langzaam’ betekent in het Swahili.

Mijn gids Abdi speelt een grote rol in het succes van deze klim. Hij houdt rekening met mijn trage wandeltempo en zorgt ervoor dat we de eerste dag langzaam opbouwen. We beginnen in het groene regenwoud, wat aangenaam is omdat de bomen schaduw bieden tegen de zon. Onderweg komt er wat regen, maar ik vind het eigenlijk verfrissend, vooral omdat het begin van de klim best warm is. Hoe hoger we komen, hoe meer het afkoelt. Bij elke korte stop merk ik hoe de kou toch langzaam begint door te dringen, maar zolang ik wandel, kan ik me goed in mijn topje en lichte wandelbroek redden.

Het is belangrijk voldoende water te drinken tegen hoogteziekte. De gids raadt aan om tussen de 2 en 3 liter per dag te drinken, maar ik merk dat ik moeite heb om deze grote hoeveelheden water op te drinken.

Onderweg spotten we enkele dieren, waaronder een schattig, pluizig, zwarte wezen, verstopt in de boomholte van onze picknickplaats. Het heeft een lange staart en grote, donkere ogen die duidelijk maken dat het een nachtdier is. Het blijkt een palm civet te zijn – zeer uniek om te spotten! Na een stevige lunch van patatjes, kip, groenten, fruit en een muffin wandelen we verder. We worden ingehaald door twee andere solo-reizigers (een Duitser en Mexicaan). Mijn gids benadrukt dat we het rustig aan moeten doen, omdat we nog zes dagen voor de boeg hebben. Als dit een eendaagse hike was geweest, had ik zeker sneller gewandeld, maar nu is het belangrijk om de energie juist te verdelen.

Na enkele uren merken we een verandering in de vegetatie. De bomen worden lager en het landschap verandert in moorland: de grasvelden worden droger en de vegetatie verandert van felgroen naar dorre bomen. Deze afwisseling geeft me nieuwe energie, vooral nu de klim fysiek zwaarder wordt.

Bij aankomst in het Machame Camp (2835m) ga ik buiten mijn tent zitten om de zonsondergang te bekijken. De omgeving en de top van de berg zijn nog steeds bewolkt, maar wanneer de avond valt, gebeurt er iets magisch. Het felwitte maanlicht verlicht de bergen en maakt zelfs de sneeuw op de toppen zichtbaar. Het is een adembenemend gezicht: in de duister van de nacht blijft het maanlicht de bergen met een mystieke gloed omarmen.

Het avondeten is overvloedig: butternutsoep, spaghetti, aardappelen, groenten en salade met heerlijk verse avocado. Ik eet mijn buik vol en val tevreden in slaap.

Dag 2: Uitzicht op Mount Meru

De ochtend begint vroeg, we verlaten als eersten het kamp om 07:20 uur. Het rustige tempo zorgt ervoor dat ik door kan blijven wandelen zonder veel pauzes. Ondanks het vroege vertrek en de korte afstand (5 km), zijn de eerste uren intens door de non-stop steile klim. Het laatste stuk wordt vlakker.

De wandeling zelf is weer prachtig. Tijdens de klim zie ik verschillende vogels en bijzondere bloemen. Plots zegt de gids me om achterom te kijken en ik zie dat de bomen rondom mij zijn verdwenen. We staan op een uitzichtpunt met een panoramisch zicht op Mount Meru. Het uitzicht over het lager gelegen bos en Mount Meru is verbluffend. Het heldere uitzicht geeft me energie om door te gaan.

Later verandert het landschap opnieuw. Het doet me denken aan de wereld van Lord of the Rings: rotsblokken, donkergroene struiken en een ruig, ongerept terrein. Het is indrukwekkend, bijna magisch.

Ik drink tijdens het wandelen meer water dan gisteren om de kans op hoogteziekte te verkleinen. De rest van de dag is mistig en koud, en ik merk dat de temperatuur flink daalt. Ik voel tegen het eind van de wandeling een lichte hoofdpijn opkomen, die na 20 minuten weer snel verdwijnt.

Om 13:00 uur bereik ik Shira Cave Camp op 3750 meter hoogte. Bij aankomst krijg ik thee, terwijl mijn tent wordt opgezet in de koele, mistige omgeving. Plots voel ik me verkleumd van de kou. Zodra mijn tent klaar is, trek ik drie extra truien aan en zet ik iets op mijn hoofd om warm te blijven. De hoofdpijn is ook even terug, dus ik rust even uit in de tent.

We krijgen een goede lunch: pasta met kip en groenten. Daarna is het tijd om verder te ontspannen. Omwille van de mistige weersomstandigheden gaan we niet meer naar het uitkijkpunt. Alleen de tenten en grote raven die rondhangen, vallen op in de mistige omgeving.

Bij het avondeten bespreken we het verloop van de volgende dag. Ik kruip vroeg in mijn bedje (lees: matras en slaapzak) om de volgende ochtend weer vroeg en fris te kunnen vertrekken.

Dag 3: Lava Tower Camp en hoogteziekte

Eén van de porters wekt me om 6 uur en geeft me koffie om stilletjes wakker te worden. Om 07:00 uur is het ontbijt. Het heeft vannacht hard geregend, maar nu schijnt de zon. In de warme zonnestralen wandel ik rond het kamp en sta ik versteld van de adembenemende omgeving. De mist is weggetrokken en ik kijk zo ver als mijn oog kan reiken. Nu is het pas duidelijk dat ik op een enorme hoogte sta.

Ik kijk neer op de groene wouden beneden die we achter ons hebben gelaten op dag 1. Aan de zijde van de groene vegetatie zie ik Mount Meru uitreiken boven een ander wolkendek. Verderop zijn er enkel wolken en moorland. Ik draai me om en zie rotsachtige bergen. Het is er droog, de grond is uitgestrekt met korte boompjes, en de zon schijnt fel. Wanneer ik me verder omdraai, zie ik de ijzige bergtop van de Kilimanjaro, die veel dichterbij en gedetailleerder zichtbaar is dan ik had ingebeeld! Ik had niet verwacht dat er zoveel sneeuw zou liggen.

Rond 07:30 uur beginnen we de hike met positieve energie. We zullen vandaag 10 kilometer afleggen. De wandeling begint vlot met een lichte stijging. Plots lijkt het alsof een wolk ons volgt die van Mount Meru komt. Het wolkendek omhult ons en we voelen de lichte regen ons omringen. We trekken onze regenoutfits aan: regenbroek, gaiters rond de schoenen, en een beschermhoes rond de rugzak. We blijven verder wandelen in de regen en na een tijdje wordt het weer wat droger.

Ik wandel zonder pauzes, maar dan komt de hoofdpijn. Ik meld de hevige, snel opkomende hoofdpijn aan Abdi. Hij raadt aan even te zitten en iets met suiker te eten. Ik eet een KitKat en binnen vijf minuten verdwijnt de hoofdpijn. Ik kan gelukkig weer verder wandelen. De wandelstokken komen goed van pas in de rotsachtige omgeving.

Na een paar uur bereiken we Lava Tower Camp op 4600 meter hoogte. Plots zijn de laatste tien meter er te veel aan. Mijn maag keert zich om en er gaat een de hevige pijn door mijn hoofd. Dit is duidelijk hoogteziekte. Ik zet me neer op de steen naast me, ik kan geen meter meer verder. Ik ben de ongelukkige op deze top want de andere klimmers lijken zich allemaal top te voelen. Hoogteziekte is nu eenmaal zeer onvoorspelbaar en het kan eender wie overkomen. Soms hebben klimmers hoogteziekte op dag 2 waarna het wegtrekt en ze toch zonder verdere problemen de top kunnen beklimmen. Ik heb het gevoel dat ik hier de tocht moet afbreken en mijn Kilimanjaro avontuur eindigt. De gids stelt voor om rustig te blijven zitten en iets te eten en te drinken. Hoewel ik geen eetlust heb, vertrouw ik op zijn expertise en eet ik een pannenkoeken drink thee. Na 15 minuten voel ik me plots beter. De tranen stoppen en ik kan eindelijk het uitzicht waarderen.

De stenen toren die bekend staat als de Lava Tower torent langs ons uit en is impressionant. Het uitzicht naar beneden is diep en rotsachtig. De hoogteziekte trekt weer zeer snel weg en ik voel me opgelucht. Nu heb ik weer energie en ben ik trots dat ik op het hoogste punt sta dat ik ooit in mijn leven heb bereikt: 4600 meter! Ik krijg opnieuw tranen in mijn ogen, maar dit keer van ontroering en trots. Ik besef dat dit al een bucketlistmoment is, en ik voel me heel emotioneel. Het is een bijzonder gevoel te beseffen dat dit het hoogste punt is dat ik ooit hebt behaald maar dat ik (naast de klim van de volgende dagen) nooit meer op dergelijke hoogte ga staan.

We dalen af naar Barranco Camp. De gids gaat aan een snel tempo naar beneden om aan de regen te ontsnappen en mijn hoogteziekte te verlichten. We worden plots omringd door unieke planten bomen die typerend zijn voor de berg en enkel op deze hoogte voorkomen: giant lobelia’s en Dendrosenecio kilimanjari (foto). We komen aan in Barranco Camp op 3900 meter hoogte, omhuld door mist. Mijn lichaam kan herstellen op lagere hoogte, en de rust is welkom. In de late avond voel ik me al veel beter.

Dag 4: Klim op de Barranco Wall

Ik stap uit mijn tent en zie dat de mist en wolken verdwenen zijn. De bergflank van de bekende Baranco Wall omringt ons. De nevel die gisteren de bergen omhulde, is nergens meer te bekennen. De lucht is helder en de zon schijnt fel. De top van de gigantische Kilimanjaro steekt scherp af tegen de lucht, bedekt met sneeuw die in het ochtendlicht glinstert. Terwijl ik ontbijt, kijk ik naar de top en de steile donkerbruine bergflank die we vandaag gaan beklimmen.

Na het horen van mijn verminderde eetlust komt de chef meteen aan met verse limoenthee met honing, Ik drink de thee op, en vrijwel direct voel ik de vermoeidheid uit mijn lichaam verdwijnen. De energie komt terug, net op tijd om verder te gaan. We maken nog enkele foto’s van de omgeving en zetten dan om 07:30 uur de tocht vol energie voort.

De eerste uren verlopen soepel; de paden zijn schilderachtig, met kleine riviertjes die we voorzichtig oversteken. We zitten nog steeds in de moorland vegetatiezone. In de verte ligt een lager gelegen gebied, omringd door imposante rotsflanken. De bergen zijn een palet van groen en bruin, met de ijzige top van de Kilimanjaro die steeds dichterbij lijkt te komen. We bereiken de steile Barranco Wall, die een fysieke uitdaging vormt. Het rotsachtige pad is soms zo steil dat ik mijn handen omhoog moet heffen.

Ik ben blij dat ik als kind wat ervaring met muurklimmen heb opgedaan: het voelt nu als een vertrouwde beweging. Het maakt toch wel een verschil als je je snel kan behelpen met een goede grip, en je jezelf comfortabel voelt op de rotsflank, vooral bij hoogtevrees of hoogteziekte.

We bereiken de beroemde Kissing Rock, een groot rotsblok waar je je stevig aan vast moet houden om langs de rotsflank te schuiven. Het is slechts een korte passage van enkele seconden, maar het voelt als een bijzonder moment aan omdat dit een bekend punt is op de route. Ik noem het de “hugging rock”, omdat ik de rots stevig vasthoud om voorbij de afgrond te manoeuvreren. Het helpt om mijn blik niet naar beneden te richten. De afgrond is een afschrikwekkend zicht voor iemand met hoogtevrees zoals ik. Dat hebben we dan toch weer overwonnen!

De rest van de dag wandel ik in stilte, met mijn gedachten bij de omgeving die me voortdurend herinnert aan de film Lord of the Rings. We komen door een gebied waar de vegetatie verandert, en de dorre bomen doen me denken aan de filmscènes waarin Sméagol zich in de mistige omgeving tussen de dode bomen verplaatst. Het voelt bijna alsof ik deel uitmaak van die andere wereld. De tocht wordt steiler en ik ga langzaam vooruit. Na vijf uur hiken, bereiken we rond 12:30 uur het kamp. Het laatste uur is bijzonder zwaar door de misselijkheid en buikpijn die me plots achtervolgen. Soms helpt een stukje chocolade me om mijn energie terug wat op te krikken en de symptomen te verhelpen zodat ik weer verder kan.

We arriveren in Karanga Camp op 3992 meter in de alpine desert vegetatiezone. Gelukkig is er hier wat internet, waardoor ik bemoedigende berichten van mijn familie en vrienden ontvang. Ze zijn verbaasd dat ik al in het vierde kamp ben aangekomen, vooral gezien ik ziek was een week voor de expeditie. Ik voel me trots dat ik het zover heb geschopt, vooral omdat mijn lichaam nog steeds in staat is om door te gaan. Ik maak me wel zorgen om de hoogteziekte. Het kan erger worden of vanzelf volledig verdwijnen. In geval de symptomen aanhouden, zal ik terug naar beneden moeten gaan. Tot nu toe verdwenen de symptomen gelukkig wel snel na wat eten, drinken en/of rust. De gids vraagt continu naar mijn symptomen, en mijn bloed – en zuurstofwaarden zijn goed.

De Mexicaan die samen met mij vertrok, wandelt vandaag verder naar Barafu Camp. Hij voelt zich fit, dus klimt verder zonder probleem. Deze ‘extra nacht’ in Karanga is voor mij belangrijk ter acclimatisatie.

Dag 5: Sneeuw en een ijzige top binnen handbereik

De ochtend is opnieuw verrassend helder en zonnig. De besneeuwde top lijkt nu zo dichtbij dat ik er in 2 uur wandelen zou kunnen geraken. Uiteraard is dat niet zo makkelijk. Met nieuwe energie begint de tocht naar het laatste kamp: Barafu Camp. We zijn nog steeds in de alpine desert zone en de koude omringt ons. Af en toe zien we sneeuw, die later weer verdwijnt met de zon. Fysiek voel ik me goed, maar de ijle lucht maakt het zwaarder. Ik volg de voetstappen van gids Abdi om in een goed ritme te blijven.

Bij aankomst in Barafu Camp op 4673 meter voel ik de vermoeidheid en misselijkheid. De buikpijn is ondraaglijk en ik ben uitgeput. Ik ga rusten, maar de hoogteziekte lijkt me dit keer niet snel te verlaten. Het begint hevig te sneeuwen en wanneer ik buiten kom is de omgeving omhuld in een wit laken, wat het uitzicht uniek maakt. Het is vreemd om te bedenken dat duizenden meters lager de zon waarschijnlijk de stad verwarmt terwijl ik omringd ben door een dikke laag sneeuw.

Na enkele vergeefse pogingen om te eten, geef ik op. Misselijkheid maakt eten onmogelijk. Abdi en de chef dringen beleefd aan om toch iets te proberen. Uiteindelijk lukt het me de lekkere soep naar binnen te krijgen. Niet genoeg brandstof voor de finale klim, maar het is iets.

Ondertussen is het donker geworden terwijl de sneeuw buiten de tent langzaam valt. We besluiten dat ik zal rusten, en we zullen mijn toestand in de nacht opnieuw evalueren. Afdalen is in het donker niet mogelijk. Ik merk dat Abdi mij de briefing voor de volgende dag niet heeft gegeven. Ondanks mijn extreme vermoeidheid, komt de slaap maar moeilijk.

Dag 6: Een magische zonsopgang

Rond drie uur wordt ik gewekt door gids Abdi. Ik voel me nog steeds vreselijk ziek, dus besluiten we dat het beter is voor mijn gezondheid de tocht naar de top niet voort te zetten. We besluiten af te dalen zodra de zon opkomt. Normaal zou ik de laatste klim naar Stella Point (5735m) maken en getuige zijn van de zonsopgang, waarna de 2 uur lange wandeling naar Uhuru Peak (5896m) volgt. Na deze klim zou de afdaling naar Mweka Camp volgen, waar we zouden overnacht hebben. Maar voor mij begint de ochtend in het besneeuwde Barafu Camp. De oranje gloed van de magische zonsopgang die zich over de bergtoppen verspreidt, biedt een ongekende warmte te midden van de ijzige omgeving. Het uitzicht over Mawenzi Peak, dat gisterenavond verborgen was, is nu adembenemend. Hier, op deze extreme hoogte, kijk ik uit over ‘the roof of Africa’. Zwarte raven cirkelen door de lucht, terwijl de maan zich als een zilveren schijf in de heldere hemel boven de ijzige Uhuru Peak bevindt.

We starten de afdaling vanuit Barafu Camp. De afdaling is steil en snel, maar mijn wandelstokken helpen me goed. Ik kan me voostellen dat de ervaren wandelaars hier een voordeel hebben wetende waar ze hun stokken en voeten moeten plaatsen op de losse stenen op het steile pad naar beneden. Elke stap brengt me dichter bij herstel van de hoogteziekte, die langzaam afneemt. Rond de middag bereiken we Mweka Camp op 3800 meter. Ik vraag of we verder kunnen afdalen en, met de energie die terugkomt, besluiten we de volledige afdaling in één dag te maken. Na de heerlijke lunch van de chef, inclusief mijn favoriete groentesoep die hij speciaal voor mij heeft klaargemaakt, beginnen we aan de rest van de afdaling. Zonder verdere pauzes bereiken we rond 16:00 uur Mweka Gate (1650m), een enorme opluchting. Ik weet nu dat ik een normale nacht zal hebben, weg van de voor mij uitputtende hoogte.

Reflectie

Na een rustgevende nacht kan ik echt reflecteren. Hoewel ik de top niet heb bereikt, ben ik trots op wat ik heb gepresteerd. De eerste zes dagen heb ik volgens plan afgelegd en het laatste kamp bereikt, aan de voet van de top. Als het niet voor de hoogteziekte was, had ik de top gehaald. Ondanks mijn ongetraindheid!

De natuurpracht en uitzichten die ik heb ervaren, zijn uniek en onbeschrijfelijk. De hoogtes die ik heb bereikt, zijn bijna onvoorstelbaar, en dit alles zonder enige fysieke voorbereiding. Verklaar me maar voor zot. Was het gemakkelijk de Kilimanjaro te beklimmen zonder training? Laat me dat zo beantwoorden: het is mogelijk maar ik zou iedereen ten zeerste aanraden om vooraf enkele stevige wandelingen of hikes te maken, vooral om de kuitspieren te versterken en gewoon te worden aan avontuurlijke wandelpaden. Anders zul je, zoals ik, na de klim enkele dagen bijna niet in staat zijn om te wandelen. Een sterke mindset en positieve attitude zijn een must. Mijn doorzettingsvermogen en koppigheid gingen verder dan mijn fysieke conditie. En uiteindelijk stond ik daar, op de ‘Roof of Africa’, op één van de ‘Seven Summits of the World’, op de majestueuze en ongrijpbare berg van Tanzania!

Conclusie

De beklimming van de Kilimanjaro is een prachtige, unieke ervaring, en ondanks het afzien hier en daar is het een ‘once-in-a-lifetime’ avontuur dat absoluut de moeite waard is!

– Kilimanjaro-blog geschreven door zaakvoerder Lore Ceyssens.

Klik hier om de Kilimanjaro reis met prijzen te bekijken!

Praktische details & tips

Neem al het aangeraden materiaal van de benodigdheden-lijst mee. Alles kan de tocht een stuk aangenamer maken: een camelbag, regenoutfits en andere gear waarvan ik niet dacht dat ik ze nodig zou hebben, heb ik enorm nodig gehad. Ik heb het grootste deel zelf aangekocht of geleend van familieleden. Andere zaken heb ik gehuurd: wandelstokken, regenbroek, geiters, slaapmatje en slaapzak (met eigen liner). Het huurmateriaal is degelijk.

Neem zo weinig mogelijk mee in je day backpack. Drink voldoende water vanaf het begin van de dag (dit verlicht je rugzak). Nuttig is een rugzakje met een sluitsysteem rond de heupen en borstkas om het gewicht goed te verdelen. Oefen thuis door je rugzak met 3 liter water te vullen en een stevige wandeling te maken met je wandelschoenen en wandelsokken.

Zodra de zon schijnt, smeer ik zonnecrème. Ik wandel in een T-shirt en een lichte blouse, die ik met rits kan aanpassen voor temperatuurregeling. Zodra de zon verdwijnt, trek ik mijn lichtgewicht fleece vest aan. Degelijke sokken zijn essentieel. En een dubbel paar warme sokken voor de laatste nacht. Degelijke regenkledij is van groot belang in het regenseizoen.

Ik klim in november (regenseizoen) en ben bijna de enige starter; het is duidelijk laag seizoen. Er zijn weinig tenten aanwezig op de kampeerplaatsen en er is nooit sprake van ‘file’ op de berg. De regen vormt geen te groot probleem ondanks het feit dat het klein regenseizoen is (november). Wel is het iedere dag bij aankomst in de kampen mistig, maar die is telkens weer weggetrokken in de ochtend. De regen valt vooral in de nacht. De paden zijn wel meer glibberig dan normaal, wat het wandeltempo soms vertraagt en meer concentratie vergt. De Machame route is prachtig en buiten het seizoen niet druk. Mijn tweede keuze was de Lemosho route. Beide routes zijn adequater voor acclimatisatie.

Klik hier om de Kilimanjaro reis met prijzen te bekijken.

For the English version: click here!

Mobiele versie afsluiten